Zonnestraal-collier
Uitwaaierend stralenmotief in het midden — het meest uitgesproken model.
Een gouden collier onderscheidt zich van een gewone ketting door de opbouw: hij wordt naar het midden toe breder of heeft een vast middenstuk, waardoor het zwaartepunt op de decolleté ligt. Dat maakt een collier formeler en uitgesprokener dan een schakelketting van gelijke lengte. Draagt u hem kort en strak om de hals, dan heet hij een choker. Bij ANRO Juweliers vindt u PreLoved colliers en chokers voor dames in 14 en 18 karaat, met lengte, breedte en gramgewicht per stuk vermeld.
Gouden colliers bij ANRO
Uitwaaierend stralenmotief in het midden — het meest uitgesproken model.
Gladde, gesloten band die strak om de hals ligt — de klassieke gouden choker.
De volledige damescollectie, van fijn tot uitgesproken.
Collier, choker of ketting? Elk collier is een ketting, maar niet elke ketting is een collier — het onderscheid zit in het verzwaarde midden. Een choker is de kortste vorm: strak om de hals. Hoe u die kiest, leest u verderop bij de gouden choker.
Een collier is een ketting waarvan het midden verzwaard is: de schakels worden naar het zwaartepunt toe breder, of er zit een vast middenstuk in dat als blikvanger dient. Waar een gewone schakelketting over de hele lengte hetzelfde is, heeft een collier daarmee een duidelijke voor- en achterkant.
Dat verschil bepaalt hoe het sieraad valt. Een collier hangt door het gewicht in het midden vanzelf goed, en het ontwerp is bedoeld om op de decolleté gezien te worden. Daardoor oogt hij formeler dan een gelijk lange ketting — en daarom wordt een collier vaker gedragen bij gelegenheden dan dagelijks.
Het woord komt uit het Frans en betekent letterlijk halsband. In de Nederlandse sieradenwereld is het uitgegroeid tot vakterm voor precies dit type: verzwaard midden, meestal zonder hanger, als één afgemaakt geheel.
Bij vintage colliers komt u modellen tegen die niet meer worden gemaakt: handgezette stralenmotieven en gevlochten middenstukken die te arbeidsintensief zijn voor machinale productie.
Een klassiek collier wordt doorgaans gedragen op 42 tot 45 cm: net op of onder het sleutelbeen, waar het verzwaarde midden precies op de decolleté valt. Korter dan 42 cm komt een groot middenstuk te hoog en drukt het tegen de halskuil aan — tenzij u bewust voor een choker kiest, die juist strak om de hals hoort te liggen. Langer dan 50 cm verliest het ontwerp zijn plek.
Dat is meteen het verschil met een gewone ketting, waar lengte vooral een kwestie van smaak is. Bij een collier bepaalt de lengte of het ontwerp klopt. Meet daarom een ketting na die u al draagt; bij ons staat de exacte lengte bij elk product vermeld. Meer achtergrond bij de ideale lengte van een gouden ketting.
Een gouden choker is de kortste vorm van een collier of halsketting: ongeveer 38 tot 40 cm, strak om de hals zonder door te hangen. Omdat hij nauwelijks beweegt, valt de vorm sterk op. Een choker heeft daarom meestal geen zwaar middenstuk, maar een gelijkmatige, gesloten band.
Let bij een choker extra op de halsomtrek: meet liever iets ruimer dan te strak, want er is geen speling om een krappe maat op te vangen.
En een waarschuwing die bij chokers extra telt: veel goudkleurige chokers zijn staal of zilver met een dun laagje goud. Juist omdat een choker de hele dag tegen de huid ligt, slijt dat laagje snel door. Onze chokers zijn echt goud, door en door 14 of 18 karaat, zonder laagje dat kan slijten.
Een collier is bedoeld om solo te dragen. Het verzwaarde midden is het middelpunt van het ontwerp, en een hanger daarbovenop maakt het beeld onrustig — die twee concurreren om dezelfde plek.
Zoekt u juist een ketting waar u een gouden hanger aan wilt dragen, kies dan een gelijkmatige schakel: anker, jasseron of een fijne gourmet. Die vallen soepel en laten de hanger vrij hangen. Voor wie ketting en hanger als één stuk wil, zijn er de colliers met vaste hanger.
58,5% goud: harder en slijtvaster, praktisch voor een collier dat u regelmatig draagt.
75% goud met een diepere kleur. Bij een breed middenstuk komt die warme tint sterk uit.
Bij een collier is er meer goudoppervlak zichtbaar dan bij een gladde schakel, waardoor het kleurverschil tussen beide gehaltes duidelijker opvalt. Beide zijn volwaardig echt goud; meer over gehaltes bij het goudgehalte en keurmerken. Een koelere tint vindt u bij de witgouden kettingen.
Wat wij controleren voordat een collier in de collectie komt
Zo koopt u een tweedehands gouden collier dat draagklaar is, tegen een aanzienlijk lagere prijs dan nieuw. Eén ding om te weten: een collier inkorten is lastiger dan een gewone ketting, omdat het middenstuk precies in het midden moet blijven vallen. Onze goudsmid beoordeelt per exemplaar wat kan; zie ketting inkorten. Onderhoud staat bij goud schoonmaken.
Een collier is een ketting waarvan het midden verzwaard is: de schakels worden naar het zwaartepunt toe breder, of er zit een vast middenstuk in. Een gewone ketting is over de hele lengte hetzelfde. Elk collier is dus een ketting, maar niet elke ketting is een collier.
Een choker is de kortste vorm: ongeveer 38 tot 40 cm, strak om de hals zonder door te hangen. Een klassiek collier valt lager, op 42 tot 45 cm, met het verzwaarde midden op de decolleté. De omega is de klassieke gouden choker: een gladde band die als één vlak om de hals ligt.
Bij ons wel: door en door 14 of 18 karaat, met het keurmerk 585 of 750 in het goud zelf. Veel goudkleurige chokers zijn staal of zilver met een dun laagje goud, dat bij een choker snel doorslijt omdat hij de hele dag tegen de huid ligt. Echt goud heeft geen laagje dat kan slijten.
Doorgaans 42 tot 45 cm: net op of onder het sleutelbeen, waar het verzwaarde midden precies op de decolleté valt. Korter dan 42 cm komt een groot middenstuk te hoog, tenzij u bewust voor een choker kiest; langer dan 50 cm verliest het ontwerp zijn plek. Bij een collier bepaalt de lengte dus of het ontwerp klopt.
Beter niet. Het verzwaarde midden is het middelpunt van het ontwerp, en een hanger daarbovenop concurreert om dezelfde plek. Wilt u een hanger dragen, kies dan een gelijkmatige schakel zoals anker, jasseron of een fijne gourmet.
Een collier met een uitwaaierend stralenmotief rond het midden, waarbij de goudplaatjes als zonnestralen vanuit het centrum lopen. Typerend voor de jaren zestig en zeventig, en nog steeds het meest uitgesproken colliermodel. Deze motieven werden met de hand gezet en worden nauwelijks meer gemaakt.
Dat is lastiger dan bij een gewone ketting, omdat het middenstuk precies in het midden moet blijven vallen. Bij een collier met verlopende schakels kan er soms aan beide kanten evenveel af; bij een vast middenstuk is de speling kleiner. Onze goudsmid beoordeelt per exemplaar wat verantwoord is.
Bij een collier is meer goudoppervlak zichtbaar dan bij een gladde schakel, waardoor het kleurverschil tussen 14 en 18 karaat duidelijker opvalt. 18 karaat geeft een diepere, warmere tint; 14 karaat is harder en praktischer voor regelmatig dragen. Beide zijn volwaardig echt goud.